Photofacts.nl
6 oktober 2011, 20:18 | | 18567x gelezen

Diafragma; controle over scherptediepte

Met het diafragma controleer je niet alleen de hoeveelheid licht die op je sensor valt, je controleert er ook de scherptediepte in je foto mee. Het diafragma kun je daarbij gebruiken om te zorgen dat alles in je foto scherp is of juist om alles behalve je onderwerp onscherp te maken.

Bij elke foto moet je ervoor zorgen dat exact de juiste hoeveelheid licht op je sensor valt. Als fotograaf heb je drie instelmogelijkheden op je camera die hiervoor zorgen: Diafragma, sluitertijd en lichtgevoeligheid. De combinatie van deze drie instellingen zorgen voor een correct belicht beeld.

Je diafragma instelling is van belang bij elke foto die je maakt. Het is dus de moeite om precies te weten wat je diafragma is, hoe het werkt en Ėwellicht het belangrijkste- wat het effect is van een gekozen diafragma instelling op je foto. In dit artikel gaan we kijken hoe je het meeste kunt halen uit het gebruik van je diafragma.

Wat is een diafragma


Het diafragma zit niet in de body van je camera, maar in het objectief dat je erop zet. Het diafragma zelf bestaat uit een aantal metalen plaatjes (lamellen genoemd) die samen een cirkelvormige opening vormen.

De lamellen kunnen verschuiven en zo de grootte van de opening veranderen. Een kleinere opening laat uiteraard minder licht door dan een grote opening. Zo kun je met het diafragma de hoeveelheid licht die doorgelaten wordt regelen. Wanneer het diafragma helemaal open staat komt er het meeste licht door heen.

De lamellen vormen het diafragma

Diafragmagetal


Om met de verschillende diafragma openingen te kunnen werken is er een standaard afgesproken; het f-getal. De f-waarde wordt berekend door het brandpuntsafstand te delen door die diameter van het diafragma. Verwarrend genoeg leidt dit tot een diafragmagetal dat groter wordt naarmate de opening van het diafragma kleiner wordt.

Zo is f/2.8 een laag diafragmagetal met een grote diafragma opening (er komt meer licht door). Heb je het over f/16 dan heb je een hoger diafragmagetal met een kleinere diafragma opening (er komt minder licht door).

De schaalverdeling van f-waarde zie je in de hier getoonde tabel. Elke stap in de tabel staat gelijk aan een halvering van de hoeveelheid licht die doorgelaten wordt. Als je van f/2.8 naar f/4.0 gaat dan komt er dus de helft van de hoeveelheid licht op de sensor terecht. Deze stap noemen we een stop. Bij veel objectieven is het mogelijk ook tussenliggende waarden in te stellen, vaak in 1/3 stops. Je krijgt zo meer mogelijkheden het juiste diafragma voor jouw foto te kiezen.

Diafragmagetal (f-waarde)
f/1.0 f/1.4 f/2.0 f/2.8 f/4.0 f/5.6 f/8.0 f/11 f/16 f/22 f/32 f/45

Wanneer je dus op een zonnige dag buiten aan het fotograferen bent zul je vaak een teveel aan licht hebben. Dit los je op door de diafragmaopening te verkleinen. Je kiest dus een hoger diafragmagetal zoals f/11. Ga je naar binnen dan neemt de hoeveelheid licht doorgaans flink af. Als je hetzelfde diafragma gebruikt zal je sluitertijd flink omlaag gaan of je lichtgevoeligheid omhoog om toch nog voldoende licht op de sensor te laten vallen.

Om toch nog onbewogen en ruisvrije (een hogere lichtgevoeligheid brengt vaak digitale ruis met zich mee) foto's te maken moet je het diafragma verder openen; je gaat bijvoorbeeld naar f/4.0. Hierdoor komt er drie keer zoveel licht op de sensor.

Lichtsterke objectieven


Je kunt je wellicht voorstellen dat het prettig is een objectief te hebben dat een zo laag mogelijk minimaal diafragmagetal heeft (grote opening). Je kunt dan immers met minder licht nog steeds een goed belichte foto maken. Objectieven met een laag diafragmagetal (bijvoorbeeld f/1.4) zijn moeilijker te maken. Er is meer en beter glas voor nodig en de objectieven worden dus ook groter en zwaarder.

Bijkomend nadeel is dat deze zogenaamde lichtsterke objectieven ook vaak prijzig zijn. Bij de aankoop van een nieuw objectief is het dus belangrijk te letten op het minimale diafragmagetal. Dit getal staat ook altijd op het objectief.

Bij zoomobjectieven is het moeilijker om het objectief lichtsterk te maken want er moeten meer en vaak bewegende elementen in het objectief zitten waardoor je al snel licht verliest. De meeste professionele zoomobjectieven hebben een minimale lichtsterkte van f/2.8 over het hele bereik. Goedkopere zoomobjectieven hebben vaak een lichtsterkte van bijvoorbeeld f/3.5 wanneer de lens helemaal uitgezoomd is en f/5.6 als je ingezoomd bent.

Scherptediepte


Met het diafragma regel je niet alleen de hoeveelheid doorgelaten licht. Een klein diafragmagetal (grote opening) zorgt ook voor een kleinere scherptediepte in je foto. De scherptediepte is het gebied dat scherp is binnen je foto. Dit gebied valt voor ongeveer 1/3 voor het punt waarop je de camera scherp stelt en voor 2/3 achter het scherpstelpunt. Wil je dat alles in je foto haarscherp is dan zul je een hoog diafragmagetal (kleine opening) moeten gebruiken.

Robin tijdens pakjesavond
Bij een portretfoto kun je een laag diafragmagetal gebruiken
om het model los te zetten van de achtergrond.

Nu is de scherptediepte niet alleen afhankelijk van het diafragma. De grootte van het gebied dat scherp is wordt daarnaast bepaald door het formaat van je sensor, de afstand tot je onderwerp en het gebruikte brandpuntsafstand. Gebruik je een teleobjectief dan is een kleiner gebied scherp in je foto (bij hetzelfde diafragma) dan wanneer je een groothoek objectief gebruikt.

Ook de afstand tot je onderwerp speelt mee; bij een kleinere afstand is de scherptediepte in de foto ook kleiner. Denk bijvoorbeeld aan het fotograferen van een bloem, je krijgt al snel een onscherpe achtergrond. Stel je scherp op een berglandschap, dan zullen alle bergen in de foto scherp weergeven worden ongeacht het gebruikte diafragma.

Dat het formaat van de sensor ook mee speelt zul je doorgaans niet merken, maar kan toch handig zijn om te weten. Zo zijn compactcamera's met hun kleine sensoren hierdoor erg geschikt voor macrofotografie. Je wilt dan een grote scherptediepte terwijl je toch erg dicht op het onderwerp zit.

Een full-frame digitale spiegelreflexcamera is dankzij het grootte formaat sensor dan weer erg geschikt om te werken met een kleine scherptediepte. Bij macrofoto's kun je met een full-frame sensor echter in de problemen komen doordat je het diafragma helemaal dicht moet draaien (groot diafragmagetal, kleine opening) om voldoende scherptediepte in je foto te krijgen. Je hebt dan wel heel veel licht nodig om geen bewegingsonscherpte te krijgen.

Libelle

Het kunnen gebruiken van een kleinere scherptediepte is voor veel fotografen een reden om te werken met spiegelreflex camera's. Je kunt scherptediepte in je foto namelijk uitstekend gebruiken om de nadruk op je onderwerp te leggen. Door een klein diafragmagetal (grote opening, kleine scherptediepte) te gebruiken zorg je dat alleen je onderwerp scherp is en dat de achtergrond door een zachte waas van onscherpte niet langer meer afleidt.

Creatief met scherptediepte


Wil je echt iets bijzonders doen met scherptediepte dan kun je eens kijken naar de zogenaamde tilt-shift objectieven. Hiermee kun je het scherptegebied op een andere manier over je beeld leggen als gebruikelijk. Dit kan een bijzonder effect opleveren. Zo kan een stadsoverzicht ogen alsof je een miniatuur hebt gefotografeerd.

Tilt-shift objectieven zijn helaas wel erg prijzig. Een alternatief zijn de Lensbaby objectieven; met deze lensjes kun je ook op een creatieve manier omgaan met de scherptediepte in je foto. Het effect is natuurlijk ook weer na te bootsen in Photoshop.

Lensbaby zwaan

Bokeh


De onscherpte die ontstaat voor en achter je onderwerp bij een kleine scherptediepte noemen we bokeh. Deze onscherpte is bij verschillende objectieven ook verschillend van kwaliteit. Vaak hebben duurdere objectieven ook een plezierige bokeh. De achtergrondonscherpte is dan prettiger om naar te kijken. Vaak is deze dan 'romiger'.

De achtergrondonscherpte wordt onder andere bepaald door je diafragma en het aantal lamellen dat het diafragma heeft. Hoe meer lamellen er in het diafragma zitten hoe ronder de opening is die het diafragma vormt. Bij minder lamellen wordt de diafragmaopening hoekiger. Deze vorm zie je terug in lichtpuntjes in de onscherpe achtergrond van je foto.

Je eigen bokeh


De vorm van het diafragma zie je terug in de achtergrondonscherpte. Je kunt hier op een bijzondere manier gebruik van maken door een eigen vorm te gebruiken. Knip of snij een vormpje uit een stuk dik zwart papier en dek hiermee de voorkant van je objectief af.

Je eigen bokeh camera

Zet je camera op diafragmavoorkeuze en kies een zo groot mogelijk diafragma (laag diafragmagetal). Maak nu een foto van een onderwerp waarbij je zorgt dat de achtergrond onscherp is. Het effect is het duidelijkste in kleine lichtpuntjes in deze onscherpe achtergrond. Zo kun je bijvoorbeeld hartjes, sneeuwvlokjes of kleine maantjes in je bokeh krijgen. Lijkt je het leuk om hier wat mee te spelen, bekijk dan ook deze video die eerder op Photofacts verscheen.

Zelf gemaakte achtergrond onscherpte

Controle over je diafragma


Om gebruik te maken van de effecten die je met verschillende diafragma instellingen kunt krijgen moet je de camera van de automatische stand afhalen. Elke spiegelreflex camera en de betere digitale compactcamera's bieden de mogelijkheid het diafragma handmatig in te stellen.

Je hoeft niet bang te zijn dat dan de belichting van je foto gelijk in het honderd loopt, want je kunt de camera nog steeds de bijbehorende overige instellingen laten bepalen. Gebruik hiervoor de diafragmavoorkeuze op je camera. Bij de meeste camera's is dit de A-stand (naar het Engelse aperture dat diafragma betekent), Canon gebruikt de aanduiding Av.

Wanneer je de camera in de diafragmavoorkeuze gebruikt kun je met het instellingswieltje het gewenste diafragma instellen. De camera past automatisch de sluitertijd (en eventueel de lichtgevoeligheid wanneer deze op automatisch staat) aan om te zorgen voor een correcte belichting. Hoe verder je het diafragma dicht draait, hoe minder licht er binnen komt en hoe langer de sluitertijd wordt.

Houdt bij gebruik van diafragmavoorkeuze altijd de sluitertijd in de gaten. Wanneer je een kleinere diafragmaopening gebruikt (groot getal, veel scherptediepte) zal je sluitertijd langer worden. Hierdoor kun je last krijgen van bewogen foto's.

Je kunt hierbij de richtlijn gebruiken dat de sluitertijd minimaal gelijk moet zijn aan je brandpuntsafstand. Fotografeer je met een 200mm teleobjectief dan moet je sluitertijd minimaal 1/200ste seconde zijn. Mocht je camera of objectief over beeldstabilisatie beschikken dan kan dit twee tot drie stops schelen.

Scherptediepte Photoshoppen


Achteraf een scherpe foto voorzien van achtergrondonscherpte is in Photoshop goed te doen. Andersom is helaas onmogelijk. Het kan dus verstandig zijn soms te kiezen voor wat extra scherptediepte wanneer je een moment snel wilt vastleggen. Mocht er geen haast bij zijn, dan probeer je gewoon meerdere diafragma instellingen.

Uitproberen


Om het effect van het diafragma echt goed te zien en te leren gebruiken moet je er natuurlijk gewoon mee aan de slag gaan. Zet de camera dus op diafragmavoorkeuze en experimenteer met verschillende diafragma's.

Heb je moeite om een kleine scherptediepte terug te zien met jouw camera en de gebruikte lens? Plaats dan je onderwerp erg dichtbij en zorg dat de achtergrond op een paar meter afstand pas begint. Je achtergrond zal dan gegarandeerd onscherp op de foto komen. Gebruik hierbij natuurlijk wel een klein diafragma.

delen!

reacties (19)

  • Koen
    Koen | donderdag 6 oktober 2011, 20:57Wel een beetje meningen gebaseerd, dit artikelen. Niet echt een photo'fact'.
  • Elja Trum
    Profiel Twitter Elja Trum | donderdag 6 oktober 2011, 21:23@Koen; hmm, volgens mij is dit artikel meer op feiten gebaseerd dan de meeste artikelen hier op Photofacts. Maar als je een andere mening hebt over hoe diafragma werkt en over hoe je het kunt gebruiken, deel deze dan alsjeblieft met ons in de reacties. Je aanvullingen en opmerkingen zijn van harte welkom!
  • Ramon
    Ramon | donderdag 6 oktober 2011, 21:31In de tekst worden de termen klein diafragma en klein diafragmagetal wel eens verwisseld.
  • MichaŽl de Bondt
    Profiel Twitter MichaŽl de Bondt | donderdag 6 oktober 2011, 21:33Hey Elja, had je niet ooit een filmpje van een vrouw die het begrip 'diafragma' erg duidelijk uitlegde; in het filmpje werden animaties en fotovoorbeelden met verschillende diafragma's naast elkaar gelegd... Gaaf trouwens, die bokeh! :-D
  • Elja Trum
    Profiel Twitter Elja Trum | donderdag 6 oktober 2011, 21:47@Ramon; ik heb de tekst nogmaals nagelezen en ben het één maal tegen gekomen. Mocht je er nog meer weten te vinden laat het me vooral even weten.

    @Michaël; bedoel je deze video?
  • MichaŽl de Bondt
    Profiel Twitter MichaŽl de Bondt | donderdag 6 oktober 2011, 22:14@Elja: ja! vrolijk
  • Johannes Klapwijk
    Profiel Twitter Johannes Klapwijk | donderdag 6 oktober 2011, 22:42Mooi uitgebreid artikel dat de basis weer eens goed behandeld, lijkt mij een mooie aanvulling hier.

    We hebben ten slotte verschillende bezoekers met verschillende ervaringsniveau's hier lijkt mij?
  • gast | donderdag 6 oktober 2011, 23:00Deze video is leuker en gaat over het zelfde onderwerp.
  • Reinoud
    Profiel Reinoud | donderdag 6 oktober 2011, 23:00Er zit een systeem in de diafragmagetallen: een stop is een factor 1.4 (wortel 2). Dus twee stops is een factor 2.

    Dus van f/4 naar f/8 zijn twee stops, en naar f/16 weer twee (en f/5.6 naar f/11 naar f/22 dus ook).

    Dat maakt het voor mij makkelijk onthouden en makkelijk instellen
  • tonv
    Profiel tonv | vrijdag 7 oktober 2011, 08:01Heldere post met bruikbare informatie. Een punt wat ik er aan toe zou willen voegen is dat bij kleinere diafragma's dan f10 de image quality flink achteruit gaat (diffractie). Daarnaast is het wetenswaardig bij welke diafragma's een bepaald objectief optimaal presteert (sweet spot). Bijvoorbeeld bij f5.6 presteert vrijwel elk objectief prima.
  • Paul Oosterlaak
    Paul Oosterlaak | vrijdag 7 oktober 2011, 09:29Diffractie treedt altijd op, alleen de mate waarin hangt af van je diafragma (en golflengte, maar dat is niet zo boeiend). Diffractie wordt pas een probleem als de onscherpte veroorzaakt door diffractie groter is dan de scherpte door het dichtknijpen van je diafragma (lenzen geven scherper beeld bij dichtgeknepen diafragma). Wanneer dit punt bereikt wordt (diffractielimiet), hangt af van de sensorgrootte. Daarnaast is het ook altijd een afweging tussen diffractie en scherptediepte. Op een fullframe camera zul je meer moeten knijpen om een bepaalde scherptediepte te krijgen, gelukkig ligt de diffractielimiet dan ook hoger op een fullframecamera.

    Daarnaast noem je dat een fullframe camera minder geschikt is voor macro vanwege kleinere scherptediepte, maar daar staat tegenover dat je de iso-waarde makkelijker omhoog kunt zetten, zonder veel last van ruis te krijgen vergeleken met een APS-C camera. Het voordeel van APS-C ligt dus niet in de scherptediepte, maar in de pixeldichtheid, waardoor je gewoon meer "pixels per vlieg" hebt.
  • Nouks
    Profiel Twitter Nouks | vrijdag 7 oktober 2011, 12:37@Paul: mwoh, niet helemaal.... De 30D heeft ongeveer dezelfde pixel density als een 5D2 maar produceert toch echt andere resultaten. En uiteindelijk is de winst die je met een full-frame camera maakt in de hoge ISO's waarneembaar, maar niet verschrikkelijk groot.
  • Paul Oosterlaak
    Paul Oosterlaak | vrijdag 7 oktober 2011, 15:57Ik beweer ook niet dat dezelfde pixeldensity dezelfde ruisprestaties oplevert. Wel kun je verwachten dat je met dezelfde technologie ongeveer dezelfde ruisprestaties krijgt (de 5D2 heeft een nieuwere sensortechnologie waardoor je betere ruisprestaties hebt). Maar het blijft vaak een richtlijn, geen exacte wetenschap.
  • Paul Oosterlaak
    Paul Oosterlaak | vrijdag 7 oktober 2011, 18:27Ik wou ook nog even zeggen dat alleen bij focussen op hyperfocale afstand de 1/3 voor en 2/3 achter scherp geldt. Hoe dichterbij je focust hoe meer het op 1/2 voor 1/2 achter scherp uitkomt
  • Ton Winkel
    Profiel Ton Winkel | maandag 10 oktober 2011, 10:31Hoi Elja, interessant artikel. Geeft de basis nog eens goed weer. Ik heb echter een vraag over het diafragmagetal. Onder dit kopje geef je aan dat bij een verhoging van f2.8 naar f4.o er een stop bij komt en dat er dus dubbel zoveel licht op de sensor tercht komt. Even verder onder dit zelfde kopje bij een verlaging van f11 naar f4.0, dat er dan driemaal zoveel licht op de sensor valt.Wat is er nu juist?
  • Elja Trum
    Profiel Twitter Elja Trum | maandag 10 oktober 2011, 11:23@Ton; jij zit goed op te letten! Dat was inderdaad tegenstrijdig. Ik heb het artikel erop aangepast. Sorry voor de onduidelijkheid!

    f/2.8 naar f/4.0 is een halvering van de hoeveelheid licht.
    f/4.0 naar f/2.8 is een verdubbeling van de hoeveelheid licht.

    Hoe hoger het diafragmagetal wordt, hoe kleiner de diafragma opening en dus hoe minder licht er door komt.
  • connie
    Profiel connie | woensdag 12 oktober 2011, 15:15Ik ben blij met de reactie van Johannes want niet iedereen is even ver in de fotografie.
  • eduardvanmil
    Profiel Twitter eduardvanmil | woensdag 4 januari 2012, 17:10Sorry Elja, ik lees het artikel nu pas, door onze vakantie toen waarschijnlijk gemist. Een nuttige heldere uitleg en het bevestigd (gelukkig) mijn kennis. Onder de reacties boven zitten ook ervaren fotografen, het siert ze dat ook reageren op dit basis gegeven. Chapeau!!
  • Kati
    Profiel Kati | vrijdag 7 september 2012, 09:22In het veld......snel focussen op hyperfocal distance, hoe kan je het beste doen?

Schrijf een reactie

Let op: Op een artikel ouder dan 7 dagen kan alleen gereageerd worden door geregistreerde bezoekers.
Wil je toch reageren, registreer je dan gratis.

gerelateerde artikelen

STUDIO DAG Artistiek Naaktfotografie met internationaal topmodel ELLA-ROSE
Gevorderdenworkshop gegeven door Dobbelmen.nl | kosten: € 220.00

STUDIO DAG Artistiek Naaktfotografie met internationaal topmodel ELLA-ROSE

WIL JIJ JE PORTFOLIO UITBREIDEN EN JE (VERDER) VERDIEPEN IN DE WERELD VAN ARTISTIEK NAAKT?

Geef je dan nu op voor deze exclusieve DOBBELMEN studio dag in Nijmegen. Fotografeer de HELE dag door het internationaal bekende naaktmodel Ella-Rose samen met topfotograaf Eric Kellerman.

» lees verder

Top artikel

De basis van HDR fotografie

HDR fotografie spreekt veel fotografen aan. In eerste instantie worden ze aangetrokken door de bijzondere, vaak wat doorgeslagen, nabewerking van HDR fotos. Dat levert meestal surrealistische fotoís op. Ben je wat langer met HDR fotografie bezig, dan stap je vaak over op een natuurlijkere uitstraling en benader je met je foto het contrastbereik van het menselijk oog.

» lees verder

 

Om Photofacts.nl goed te laten functioneren maken we gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid. akkoord