In mijn
vorige artikel schreef ik dat ik graag wat anders wilde dan alleen macro fotografie. Dat ik dedicated tijd wil besteden aan het fotograferen van landschappen. En de reis naar IJsland is ook zo goed als geboekt. Nu de meeste vlinders en libellen zo langzamerhand verschenen en weer verdwenen zijn wilde ik toch ook nog even genieten van mijn favoriete onderwerpen. Een ochtendje in de Eifel was snel gepland.
De Eifel is mijn favoriete gebied als het gaat om vlinders. Het is, afhankelijk van de precieze hoek, 'slechts' drie uur rijden. Het kost wat, maar dan kom je ook meerdere vlindersoorten en prachtige schrale graslanden en heuvelruggen tegen zoals we die in Nederland niet vinden. En zowel de (voor Nederlandse begrippen) zeldzame vlinders als de prachtige kalkhellingen met orchideeën en andere bijzondere bloemen zijn de moeite van het rijden absoluut waard.
Dit keer was het er door drukte in de agenda niet van gekomen om in juli te gaan, waardoor ik minder mogelijkheden had qua onderwerp. Gelukkig is een van mijn favoriete blauwtjes een late soort: het bleek blauwtje. Waarom is dit beestje 600 kilometer rijden waard vraag je je af? Persoonlijk kan ik daar een flinke lijst van opstellen...
De mannetjes van deze soort zijn van boven flets, bleek blauw. Nou kun je zeggen dat flets en bleek niet echt positief is, maar vergelijk het met heel veel andere soorten waarin alle mannetjes ongeveer hetzelfde helder blauwe tintje hebben en dan springt dit beestje er opeens uit. Voeg een paar donkere aders toe, een wittig randje met wat oogjes, een prachtige witte franje met zwarte streepjes, laat het beestje zelf wel intens blauw behaard zijn op zijn lijf en je hebt in mijn ogen een waar meesterwerkje.

Maar goed, ik ben een liefhebber, dus misschien zie ik meer dan de meesten. Daarom bij deze nog wat tips over hoe je zo'n dagje uit het beste kan plannen, om de hoogste kans op succes te hebben.
Mijn aanpak is als volgt: allereerst probeer ik op het werk aan te geven dat ik in een bepaalde week een dagje vrij wil en regel dat zo dat ik last-minute de specifieke dag kan kiezen. Er is al rekening gehouden met een dag vrij in de planning, dus ik kan last-minute weg en laat me daarin uiteraard leiden door de weersvoorspellingen: heldere nachten waarin het goed afkoelt let ik vooral op voor de beste kans op dauwvorming.
Vervolgens boek ik een goedkoop hotelletje in een hoekje waarvan ik weet dat mijn onderwerp daar zit. Ik rijd de avond van te voren die kant op en kijk ter plekke rond zonsondergang op de locatie rond: de vlinders zijn nog actief en warm, dus weet ik waar de meesten zitten en kan ik ze gemakkelijk vinden. Naarmate de zon lager komt zoeken de vlinders een slaapplekje op en die onthoud ik dan. De volgende ochtend weet ik dus precies waar ik moet zijn en waar ik mijn onderwerp kan vinden.
Dankzij de goede weersomstandigheden kun je dan de volgende ochtend je onderwerp onder de dauw aantreffen en fotograferen. Helaas bleek de beloofde zon in plaats van 's ochtends vroeg er pas rond een uur of tien door te komen waardoor ik niet de sfeervolle dauw met tegenlicht opnames heb die ik graag had willen nemen. Vermoedelijk zal ik dus volgend jaar toch nog een keertje moeten gaan voor dat ultieme sfeerplaatje van dit beestje.

En tja, zeg nou zelf. Zo'n bruinrode wespenorgis is toch ook te mooi om niet op de foto te zetten?
 |
|
Over de auteur; Johannes Klapwijk Johannes Klapwijk heeft zich al een aantal jaren intensief toegelegd op natuurfotografie. In de zomer ligt de nadruk op macrofotografie van vlinders en libellen. Buiten het macro seizoen ligt de nadruk op vogel en landschapsfotografie. Johannes verzorgt ook workshops in natuurfotografie. |