Ontdek hoe je betere foto's kunt maken. Probeer 14 dagen gratis onze online fotografie cursussen.
Michelle Peeters

Insecten fotograferen in de herfst of winter?

maandag 21 oktober 2019, 23:23 door | 4,094x gelezen | 4 reacties

Als je aan insecten denkt, denk je aan de zomer of aan het voorjaar, soms zelfs nog aan de herfst. Libelles, vlinders, rupsjes, kevertjes. Prachtdiertjes en je vindt ze in overvloed in de warme seizoenen. Nu ook nog behoorlijk in de maand oktober. Maar in de winter? Insecten en winter mengen van oudsher niet erg goed...

De beestjes vermijden liever de winter omdat het te koud, te droog, te extreem en te guur is. Liever overwinteren ze als larve in de modder, of als eitje ergens in de vegetatie. Toch hebben we zeer zwoele winters waarbij het nauwelijks vriest. En er is een heel aantal heel stoere, taaie beestjes die lak hebben aan sneeuw en ijs en ook aan kou.

IMG 2660

Juffer

Die-hards


Het zijn de die-hards van de kleine wereld. Ze hebben gemerkt dat er voordelen te halen vallen uit de winter. Een vroege vermenigvuldiging of een snelle hap uit voorjaarsgroen. Of ze vertikken het eenvoudigweg om te sterven.

Als je ze kunt vinden, kunnen ze je als enthousiast macrofotograaf helpen door die lange, donkere dagen heen te komen. Er is kleur, vorm en hoop!

De gewone pissebed is bij uitstek een winterdier. Je vindt ze onder stenen en rottend hout. De prehistorische look and feel van deze oeroude beestjes kan je versteld doen staan als je er eenmaal dichtbij kruipt. Een dinosaurus is er niets bij vergeleken...

Pissebed - Hooiwagen

Pissebed en Hooiwagen of Trilspin. Foto: Cesar Carlevarino-Aragon via Unsplash

Binnenshuis


Binnenshuis kun je ook van alles vinden. Bijvoorbeeld de grote trilspin (ook wel 'hooiwagen' genoemd), die normaal gesproken een gewillige prooi is voor de stofzuiger. Je vindt ze in allerlei hoeken en gaatjes.

Lieveheersbeestjes zijn ook overwinteraars. Je kunt ze per ongeluk tegenkomen, als ze door iets zijn verstoord of als ze nog geen plekje hebben gevonden om de winter door te komen.


 L3B3568


En miljoen insecten


Op aarde leven maar liefst n miljoen soorten insecten. Ze komen op alle continenten voor en zitten dan ook overal, zelfs op 6000 meter in de Himalaya. In Nederland moeten we het met een kleiner aantal soorten doen (ongeveer 20.000).

Nog steeds meer dan genoeg om jarenlang je fotohobby op uit te oefenen. En wie weet fotografeer je op een gegeven moment zelfs een nieuwe soort (dat zou natuurlijk wel helemaal geweldig zijn..). Wetenschappers verwachten namelijk dat er ongeveer twee miljoen soorten insecten nog niet ontdekt zijn. De variatie is enorm groot.

Ze hebben vaak een heel eigen levenswijze en zelfs binnen een soortgroep (bijen of wespen bijvoorbeeld) ontdek je zeer variabel gedrag. De bekendste soortgroepen zijn die van de bijen, wespen, hommels, vliegen, juffers, libellen en kevers.

Spinnen zijn eigenlijk geen insecten, ze hebben namelijk acht en geen zes poten, zoals insecten die hebben en behoren tot de geleedpotigen.

 L3B3575


Waar vind je insecten


In het voorjaar en de zomer terwijl er volop planten bloeien, vind je bijen vooral terwijl ze op zoek zijn naar nectar. Een stukje natuur is dan natuurlijk de 'place to be'. Dat kan ook nog in de herfst zijn, zeker na een mooie, lange zomer. Kijk maar eens in bloeiende bermen wat er nog allemaal te zien is.

Planten maken gebruik van felle kleuren voor hun bloemen om te laten weten dat bij hen het meest calorierijke voedsel (in de vorm van nectar) verkrijgbaar is. Schreeuwende kleuren in rood, paars en geel, daar val je wel mee op! Veel planten en gewassen (zo'n 80%) zijn afhankelijk van insecten voor bestuiving en voortplanting.

In ruil voor het vervoer van stuifmeel krijgen de insecten het calorierijke nectar te eten. Zo hebben ze profijt van elkaar. Veel leuke en fotogenieke insecten (vlinders, bijen, hommels) vind je dan ook op bloemen.

Tussen planten vind je vaak kevers, spinnen en sprinkhanen. Je ziet ze vaak pas als ze wegvliegen of -springen omdat ze zo goed gecamoufleerd zijn en opgaan in hun leefomgeving. Kijk goed en blijf ze volgen zodat je weet waar ze landen. Kruip dan zo voorzichtig mogelijk (met je camera in de aanslag) naar die plek om het insect te fotograferen.

 L3B3520


Vlinders, libellen en juffers


De zomer is een prima periode om vlinders te fotograferen. In de herfst zie je ze bijna niet meer. Vlinders zijn erg populair bij natuurfotografen, waarschijnlijk door hun felle kleuren en feerieke manier van vliegen.

Overdag is het bijna ondoenlijk om ze voor de lens te krijgen. Ze vliegen voortdurend en blijven vaak maar even zitten. Maar 's ochtends vroeg zijn de vlinders nog niet opgewarmd en zitten ze soms helemaal onder de dauw.

Op dat moment kunnen ze nog niet vliegen, zijn ze nog niet opgewarmd en is het licht vaak ook heel mooi om te fotograferen (zeker de dauw op hun. Tegen de avond gaan ze weer naar hun slaapplek (dicht bij de grond, hangend aan een bloem, bladeren of gras) en zijn ze ook weer beter benaderbaar.

Libellen en juffers zijn eveneens erg populair onder fotografen. Ze laten zich goed zien als ze boven het water jagen op zoek naar prooi. En ze zijn vaak mooi gekleurd en fotogeniek met hun mooie facetogen. De libellen houden hun vleugels vaak gespreid als ze op een stengel zitten. De juffers houden ze vaak gevouwen langs het lichaam.

Ook zij zijn lastig te fotograferen omdat ze veel rondvliegen en meteen wegvliegen als je ze benadert als ze op een stengel zitten.

Ook hier geldt weer dat ze een slaapplek (vaak in de vegetatie van oeverranden, slootjes en beken) hebben en dat je ze 's ochtends vroeg, als ze nog niet zijn opgewarmd, het makkelijkst kunt fotograferen. Ze blijven dan tamelijk rustig zitten.

 L3B4008


Kevers


De keversoort is ook vrij bekend natuurlijk. Ze leven overal ter wereld, alleen niet in de poolstreken. Ze zijn vaak bolvormig met relatief korte antennes. Een eigenschap die ze allemaal delen is hun sterke bepantsering. De voorste vleugels zijn hiervoor omgevormd tot pantser, dat het kwetsbare lijf beschermt.

Die bepantsering zorgt er wel voor dat ze traag vliegen (8 km/h, in tegenstelling tot vlinders die wel 50km/h halen). Er leven in Nederland zo'n 4000 kevers, dus keuze genoeg als je nog een model in de natuur zoekt.

Ver van huis hoef je dan echt niet, want in elke tuin waar wat planten in staan (tenzij volledig 'geasfalteerd' of betegeld natuurlijk..) vind je wel kevers. Het meest opvallend zijn de lieveheersbeestjes, die vaak in de omgeving van bloeiende planten te vinden zijn. Maar ga je op je knien tussen de planten, dan zul je zeker ook nog andere soorten aantreffen.

Wat saai zwart of grijsgetinte soorten moeten het van hun markante vorm of vervaarlijke uiterlijk hebben. En weer andere keversoorten hebben een mooie, metaalachtige glans of ze zijn prachtig gekleurd. Maar ook in open bosgebied waar rottend hout ligt zijn weer andere keversoorten te vinden.

Een goede methode om ze te vinden is door het hout om te draaien. Naast veel andere insecten (en soms zelfs hagedissen) zul je hier ook veel kevers aantreffen. De meeste kevers trekken zich niets aan van fotografen, ook niet als die pal voor hun neus op de grond gaan liggen.

Kevers die tussen de planten of op bloemen leven zijn vaak gemakkelijker te fotograferen. Lieveheersbeestjes bijvoorbeeld, bewegen vaak wat traag heen en weer op een stengel en zijn goed te volgen met je macrolens.

 L3B3482


Bijen, wespen, hommels en vliegen


Dit zijn de eeuwig actieve insecten die erg lastig te fotograferen zijn. In de vlucht is het al helemaal onmogelijk om ze te fotograferen, dus beter is het om je camera op te stellen bij een mooie bloem en dan te wachten tot het insect erop gaat zitten.

Dat kan even duren, maar hij komt echt wel, en dan is het simpelweg de ontspanknop indrukken voor een paar mooie foto's. Sommige insecten (zoals wespen) kun je het beste lokken met wat rottend fruit of wat zoete siroop. Binnen een mum van tijd verschijnen ze dan en doen zich te goed aan de zoetigheid. Ht moment om ze op je gemak te fotograferen.

 L3B3559


Spinnen


Je hebt ze in alle soorten en maten: bijna onzichtbaar klein tot redelijk groot. De kruisspin en wespenspin zijn redelijk groot en ook vrij gemakkelijk te fotograferen omdat ze altijd in een web hangen en wachten tot er een prooi in beland die ze kunnen inkapselen.

De springspin is wel het meest fotogeniek. Ze zijn kleiner, lastiger te ontdekken en hebben geen web. Ze doen hun naam eer aan en bespringen hun prooi. Door hun acht ogen hebben ze een beter zicht dan andere spinnen en ze zitten vaak op zonbeschenen plekken. Als je ze in slow motion benadert kun je vaak heel dichtbij komen.

 L3B5612

Springspin

Camera-instellingen


Een veelgebruikte stand bij insectenfotografie is de Av/A of diafragmavoorkeur-stand. Je kiest zelf een diafragma (bij macrofotografie een kleine opening/groot getal voor voldoende scherptediepte) en de camera kiest daar een bijpassende sluitertijd bij. Zo kun je snel onder wisselende omstandigheden fotograferen.

Vroeger fotografeerde je insecten vaak vanaf een statief. Dat is nu niet meer echt nodig. Bij veel moderne camera's kun je prima met hoger iso-waarden werken terwijl de kwaliteit van het beeld dan nog zonder meer goed is. Daardoor zijn kortere sluitertijden mogelijk, die je nodig hebt om je eigen bewegingen op te vangen.

Ook zijn diverse objectieven en sommige camerabody's uitgerust met beeldstabilisatie die ook weer trillingen tegengaan die tot onscherpte zouden kunnen leiden. De autofocus staat meestal ingesteld op n AF-sensor, zodat je tussen de grassprietjes door beter kunt focussen op het insect.

Nog een voordeel van 'uit de hand werken' is dat je veel sneller rondom het onderwerp kunt bewegen en daardoor sneller mooiere composities kunt maken.

 L3B4478


Daarnaast leidt het geschuif van statiefpoten in een veld tussen de vegetatie tot meer onrust bij insecten en is de kans aanwezig dat je net dat sprietje aanstoot waar dat prachtig gekleurde insect op zat, waardoor het beestje er vandoor gaat.

As je geen geld hebt voor een 'echt' macro-objectief, dan kun je voor je standaardzoomlens ook een voorzetlens in verschillende (dioptrie)sterktes kopen zodat je dichterbij je model kunt fotograferen. Met een 'echt' macro-objectief op een spiegelreflex- of systeemcamera heb je wel het beste resultaat.

Met deze objectieven kun je dichterbij fotograferen dan met 'gewone' objectieven en zo kun je kleine insecten beeldvullend vastleggen. Macro-objectieven zijn er in allerlei brandpuntsafstanden. Het meest gebruikt (en ik heb hem zelf ook) is een 100mm brandpuntsafstand macro-objectief.

Bij gebruik van zo'n objectief is de afstand van de camera tot het onderwerp groter. Zo kun je beter schichtige insecten fotograferen, omdat deze zich door de grotere afstand minder snel bedreigd zullen voelen. Ook worden de voor- en achtergrond vager weergegeven, wat minder de aandacht afleidt van het hoofdonderwerp.

 L3B4030


Meer weten over macro-fotografie?


Wil je je meer verdiepen in macrofotografie? Dan zou je de cursus macrofotografie bij Photofacts Academy kunnen volgen van Johannes Klapwijk.

Je kunt deze en andere cursussen twee weken lang volgen met een gratis proeflidmaatschap.


Michelle Peeters

Over de auteur

Michelle Peeters is fotografe en oprichter van DeuxBleus Fotografie. Michelle herkent het bijzondere in het gewone en het gewone in het bijzondere. Ze heeft zich nooit willen specialiseren en is daardoor van alle markten thuis.

4 reacties

  1. A H M Kerkhoff
    A H M Kerkhoff schreef op dinsdag 22 oktober 2019 om 14:40

    leuk en vlot geschreven artikel dat niet alleen over de fotograaf en zijn techniek gaat maar ook met enige warmte over het object spreekt. de harige rups -met -hondekop is goed voor een internationale prijs. geweldig!

  2. Michelle Peeters
    Profiel Michelle Peeters schreef op dinsdag 22 oktober 2019 om 14:56

    @A H M Kerkhoff: dat is wel een heel groot compliment, dankjewel! Maar zo werkt het wel vaak hè, als je niets met je onderwerp hebt kun je het ook niet goed fotograferen! Je moet er je hele hart en ziel in leggen.

  3. gast schreef op dinsdag 22 oktober 2019 om 15:43

    Ik ben het helemaal met A H M Kerkhoff eens! De artikelen van Michelle weten mij altijd te raken, zijn altijd vlot en duidelijk geschreven en geven de lezer voldoende informatie om lekker aan de slag te gaan! Bedankt Michelle voor je informatieve artikelen!

  4. Michelle Peeters
    Profiel Michelle Peeters schreef op dinsdag 22 oktober 2019 om 21:11

    Bedankt voor jullie reacties, heel fijn om te horen! En als jullie tips hebben over hoe het beter of anders kan, laat het horen he!

Deel jouw mening

Let op: Op een artikel ouder dan een week kan alleen gereageerd worden door geregistreerde bezoekers.
Wil je toch reageren, log in of registreer je dan gratis.
Toon alle artikelen binnen Tips en Truuks

Photofacts wordt mede mogelijk gemaakt door

CameraTools

Ontvang wekelijks fotografietips in je inbox

56.590 fotografie enthousiastelingen ontvangen de tips al!
Meer over de wekelijkse mail. Of blijf op de hoogte via Twitter of Facebook.


Elja Trum

Photofacts; alles wat met fotografie te maken heeft!

Wil je graag mooiere foto's maken en op de hoogte blijven van ontwikkelingen binnen de fotografie? Photofacts plaatst leerzame artikelen die gerelateerd zijn aan fotografie. Variërend van product-aankondiging tot praktische fotografietips of de bespreking van een website. Photofacts bericht dagelijks over fotografie en is een uit de hand gelopen hobby project van Elja Trum. De artikelen worden geschreven door een team van vrijwillige bloggers. Mocht je het leuk vinden om een of meerdere artikelen te schrijven op Photofacts, neem dan contact op.Meer over Photofacts
Om Photofacts.nl goed te laten functioneren maken we gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid. akkoord
sluiten

Mis het gratis fotografie eBook niet!

56.590 fotografen ontvangen onze wekelijkse fototips al. Schrijf je in en ontvang gratis het eBook '25 Tips voor het Fotograferen van Kinderen'.