Erik van Rosmalen

Analoog: zelf ontwikkelen of laten doen?

maandag 4 juli 2011, 22:49 door | 42.655x gelezen | 25 reacties

Analoge fotografie spreekt ook in dit digitale tijdperk nog steeds een behoorlijke groep fotografen aan. Deze groep is zelfs groeiende, mede dankzij de Lomo/Holga- en Polaroid-rages van dit moment. Maar wat doe je met de rolletjes? Kruidvat, vaklab of zelf aan de slag?

Negatief of positief?


Ruwweg kun je films (los van het formaat) indelen in twee soorten: negatieffilm en positieffilm. Die laatste kennen we als dia's. Daarnaast is er een onderscheid te maken in soorten films voor wat betreft de manier van ontwikkelen. Diafilm wordt ontwikkeld volgens het E6-proces. Negatieffilm - kleur of zwart-wit - wordt tegenwoordig vrijwel altijd via het C41-proces ontwikkeld.

Daarnaast zijn er echter ook nog 'klassieke' zwart-witfilms te koop. Voor elke van deze drie ontwikkelprocessen (E6, C41 of 'echt' zwart-wit) kun je momenteel nog terecht in vaklabs. Ontwikkelcentrales en 1-uursservices verwerken over het algemeen alleen nog C41-films en soms E6.

Natuurlijk kies je in de eerste plaats voor een bepaalde filmsoort vanwege zijn karakter: de kleur, de korrel of andere eigenschappen, die per filmsoort anders zijn. Maar ook de verkrijgbaarheid van de film en de processing na afloop kunnen een afweging zijn. De soorten op een rij:

E6 diafilm


Voor diafilm kun je tegenwoordig eigenlijk alleen nog terecht bij de echte fotozaken en online shops. Diafilm is (over het algemeen) wat scherper, maar vraagt wel een nauwkeuriger belichting dan zwart-witfilm: achteraf compenseren door langer of korter ontwikkelen is namelijk lastiger.

En ontwikkelen? De Hema doet het (nog) wel op het moment, maar voor goede en betrouwbare resultaten zul je toch echt naar een vaklab moeten. Zelf ontwikkelen kan ook, maar een behoorlijk prijzig proces, gezien de chemicaliŽn. Ook luistert de temperatuur behoorlijk nauw. Wie zich er toch aan wil wagen, kan op internet wel een tutorial vinden voor E6-ontwikkeling.

C41 kleurenfilm


De meest gangbare film die overal nog volop te krijgen is, is de 'gewone' C41-kleurenfilm. Voor de opkomst van digitale fotografie was dit de standaard, althans voor de consument. Rolletjes C41 kun je nog overal laten ontwikkelen, meestal ook via de 1-uursservice. De grote centrales en de automaten in de Hema's en Kruidvat werken volgens een gestandaardiseerd proces.

Wil je daar om de een of andere reden van afwijken (bijvoorbeeld je film laten pushen of pullen - over- of onderontwikkeling), dan zul je naar een vaklab toe moeten. Of: je film zelf ontwikkelen. Het proces daarvoor is niet eens zoveel moeilijker dan het proces voor zwart-wit. De ontwikkel- en fixeertijden zijn vaak zelfs korter. Maar net als bij E6-ontwikkeling luistert de temperatuur erg nauw. En de chemicaliŽn zijn (als je niet heel veel zelf ontwikkelt) naar verhouding een stuk duurder dan wanneer je je rolletje laat ontwikkelen.

Fuji NPH400 - 5 jaar over datum
Fuji NPH400, vijf jaar na de houdbaarheidsdatum

Fotografen kiezen vaak voor een bepaald soort film vanwege de karakteristieke kleuren. Ook film die over datum is fungeert nog prima, al willen de kleuren wel eens verlopen.

Tutorials C41-ontwikkeling


Op internet vind je diverse tutorials en how-to's om zelf C41 te ontwikkelen, bijvoorbeeld deze video van Robert Lennon.

Klassieke zwart-witfilm


Wil je zelf ontwikkelen, dan is dit relatief gezien de eenvoudigste filmsoort om mee te starten. Voor echte zwart-witrolletjes kun je niet meer bij de Hema terecht, maar online en bij een goede fotozaak kun je ze zeker vinden. Er zijn ook nog genoeg fotozaken waar je de chemicaliŽn en andere benodigdheden kunt aanschaffen.

Lisanne, Tmax100 ontwikkeld in Rodinal
Portret van Lisanne

Bovenstaande portret is geschoten met een Mamiya 645 op Tmax100 (120 rolfilm), ontwikkeld in 1/50 Rodinal.

Het proces voor het ontwikkelen van zwart-witfilm is vrij overzichtelijk:
  • Ontwikkelen
    Bij natuur- of scheikunde op de middelbare school werd het vroeger nog wel uitgelegd: lichtgevoelige film (of papier) bevat een emulsie met zilverbromide. Licht zet dat deels om in zilver. Wie niet zo begaafd is in de betavakken kan dat overigens verder vergeten.

    Wat ontwikkelaar doet is het versterken van dit proces, zodat de mate van belichting vele malen duidelijker wordt. Ontwikkelaars zijn er in allerlei soorten en maten te krijgen. De bekendste zijn D76 van Kodak (in poedervorm) en Rodinal.

  • Stoppen
    Om het ontwikkelproces te stoppen, is een stopoplossing noodzakelijk. Zelf gebruik ik hiervoor gewoon kraanwater. Je kunt ervoor kiezen om dit licht aan te zuren, met bijvoorbeeld wat azijnzuur of citroenzuur. In de handel zijn zelfs stopmiddelen verkrijgbaar. Mijn ervaring is, dat dat niet nodig is - mits je goed spoelt.

  • Fixeren
    Om de lichtgevoeligheid van de ontwikkelde film teniet te doen, moet deze nog gefixeerd worden: anders zou na verloop het beeld vervagen omdat de film lichtgevoelig blijft. Fixeren gebeurt met bepaalde zouten, zoals thiosulfaat. Zelf gebruik ik een van de meest gangbare: Agefix van Agfa, met ammoniumthiosulfaat als basis.

  • Spoelen en drogen
    In de laatste stap is het wederom een kwestie van goed spoelen. Zelf gebruik ik daar wederom water voor. Als ik de film vervolgens ophang, strijk ik deze goed droog met een rubber tang die speciaal voor dit doel gemaakt is. Je kunt er ook voor kiezen een heel klein beetje 'bevochtigingsmiddel' toevoegen. Dat is in de handel verkrijgbaar, maar een druppeltje afwasmiddel doet hetzelfde: het voorkomt watervlekken op je negatieven.

Scannen


Als je enigszins nauwkeurig de instructies volgt, zul je al vrij snel met redelijk succes zo je eerste zwart-wit film ontwikkeld hebben. De echte die hard gaat nu zelf ook afdrukken. Fotopapier daarvoor is nog in de handel verkrijgbaar en een vergroter tik je op Marktplaats al voor een flesje wijn of een appeltaart op de kop. Maar de meesten zullen er net als ik voor kiezen de negatieven in te scannen. Om ze te kunnen nabewerken of ze op een fotoprinter te kunnen afdrukken.

Dubbelportret, Provia100, ontwikkeld bij Hema
Dit portret van opa en kleinzoon

Bovenstaande foto is oorspronkelijk geschoten op Fuji Provia, een kleurendiafilm. De film is vervolgens ontwikkeld (bij Hema) en thuis ingescand. Dat geeft je achteraf de digitale vrijheid om alsnog te kiezen voor je eigen kleur, contrast of een omzetting naar zwart-wit.

Laten scannen kan ook


Scannen kun je ook bij de Hema laten doen. Je krijgt je foto's dan op cd of via een online kanaal aangeboden. De nadelen: het is behoorlijk prijzig en je hebt nauwelijks (lees: geen) controle over je scan, kleuren en je resolutie. Zelf scannen kost veel tijd, maar op den duur verdient een goede negatiefscanner zich dan wel terug.

Samengevat


Zelf zwart-wit ontwikkelen is heel goed mogelijk, minder ingewikkeld dan velen denken, mits je er tijd, geduld en aandacht in wilt stoppen!

Erik van Rosmalen

Over de auteur

Erik werkt als redacteur/content specialist. Daarnaast is hij freelance tekstschrijver en fotograaf. Mensen vormen daarbij het hoofdonderwerp: portret- en reportage-fotografie. Volg Erik ook op Instagram!

25 reacties

  1. Jeroen
    Profiel  Jeroen schreef op maandag 4 juli 2011 om 23:10

    Leuk en zeer informatief artikel. Mooi dat er nog steeds mogelijkheden zijn om analoog te fotograferen. Zelf keek in begin 2000, al hangend boven de ontwikkelaar en fixeer, reikhalzend uit naar het moment dat digitale spiegelreflexcamera's betaalbaar zouden worden. Ik moest wachten tot 2003 en heb sindsdien geen rolletje meer aangeraakt. Heb nog wel een Canon EOS 50E en Rollei 6x6 liggen.

  2. gast schreef op dinsdag 5 juli 2011 om 10:35

    Mijn mening is LATEN ontwikkelen,ivm milieu hoe klein de hoeveelheid ook is,misschien niet mooi maar het is wel gecentraliseerd op een paar plaatsen. Pas op sommige gemeente nemen geen chemicaliën meer aan van particulieren (Utrecht).laten afvoeren kost veel geld.in 1996 koste het al 350 gulden per afvoer.dat was de laatste E6 film van mij.

  3. Johannes Klapwijk
    Profiel  Johannes Klapwijk schreef op dinsdag 5 juli 2011 om 14:53

    1 ding snap ik nog steeds niet: waarom zou je analoog willen fotograferen? Om jezelf te dwingen beter overwogen je camera in te stellen en minder prut te schieten? Of vinden mensen nog steeds dat de kwaliteit van de resultaten gewoon onovertroffen is?

  4. Arno
    Profiel  Arno schreef op dinsdag 5 juli 2011 om 15:05

    Anoloog fotograferen is spannender dan digitaal. Moet je presteren ga dan digitaal maar wil je eens wat anders en wat spanning na een shoot ga een keer analoog op pad.

Deel jouw mening

Let op: Op een artikel ouder dan een week kan alleen gereageerd worden door geregistreerde bezoekers.
Wil je toch reageren, log in of registreer je dan gratis.
Toon alle artikelen binnen Analoog

Photofacts wordt mede mogelijk gemaakt door


Ontvang wekelijks fotografietips in je inbox

52.641 fotografie enthousiastelingen ontvangen de tips al!
Meer over de wekelijkse mail. Of blijf op de hoogte via Twitter of Facebook.


Elja Trum

Photofacts; alles wat met fotografie te maken heeft!

Wil je graag mooiere foto's maken en op de hoogte blijven van ontwikkelingen binnen de fotografie? Photofacts plaatst leerzame artikelen die gerelateerd zijn aan fotografie. Variërend van product-aankondiging tot praktische fotografietips of de bespreking van een website. Photofacts bericht dagelijks over fotografie en is een uit de hand gelopen hobby project van Elja Trum. De artikelen worden geschreven door een team van vrijwillige bloggers. Mocht je het leuk vinden om een of meerdere artikelen te schrijven op Photofacts, neem dan contact op.Meer over Photofacts
Om Photofacts.nl goed te laten functioneren maken we gebruik van cookies. Bekijk ons cookiebeleid. akkoord
sluiten

Mis het gratis fotografie eBook niet!

52.641 fotografen ontvangen onze wekelijkse fototips al. Schrijf je in en ontvang gratis het eBook '25 Tips voor het Fotograferen van Kinderen'.